Voortschrijdende Inzichten

Verrassende onderwerpen | Nieuwe invalshoeken

De doctorandussenplaag

Voorkant van de doctorandussenplaagDe doctorandussenplaag: dit is de intrigerende titel van een boekje van de hand van J Delecluze. Het boekje verscheen in 1979 bij uitgeverij Editions Saint Jacques. Nu is over dit merkwaardige boekje alleen al het nodige te vertellen, maar ook over de schrijver valt ook wel het een en ander te vertellen. via de doctorandussen, een logo, euthanasie, een zakwoordenboek, een promotie en syfilis blijken we uiteindelijk in Amsterdam uit te komen. En onverwacht lopen we het boekje ook nog tegen het lijf.

De doctorandussenplaag verscheen aan het eind van de woelige jaren zeventig. Als we het boekje in de geest van die tijd zouden moeten beoordelen, dan zouden we het kunnen betitelen als het product van een rechtsreactionair. Het boekje is in essentie een eindeloze scheldkanonnade tegen links, werkende jongeren en sociaalwerkers. Een genre dat in de jaren zeventig populair was, vooral als reactie op de in grote getale voorkomende opbouwwerkers die met extreem linkse ideeën van allerhande academies afkwamen. Met onbegrijpelijke taal en zich beroepend op onleesbare werken wilden zij het 'volk' opvoeden. Het is hier waartegen Delecluze tekeer gaat. Maar ook de linkse politici, en dan vooral die met een intellectuele achtergrond, moeten het bij Delecluze ontgelden. Al meteen in het voorwoord geeft de auteur vol gas. Zo spreekt hij over de 'er een potje van makende kritisch-emancipatorische klasse', een 'kliek van vierderangs intellectuele Spiessbürger' en intellectuele slampampers en professorale putjesscheppers'' . Kortom: de toon is gezet voor de ruim 50 pagina's die nog moeten komen.

'Vijfentwintig jaar geleden was het ontzettend rustig in Nederland, en ook in het Buitenland was er niets te doen. Iedereen was tevreden. Stakingen kwamen niet voor. Arie Groenevelt was nog pas net lid geworden van de vakbond. Popmuziek bestond niet. Sex moest nog uitgevonden worden. De onbeholpen pogingen daartoe liepen bijna altijd uit op zwangerschap, want De Pil bestond ook al niet. Wel waren er zweetvoeten, wratten, platte borsten, de al genoemde zwangerschap en geldgebrek. Maar dat waren ongeveer de enige problemen die men kende. Creativiteit, Solidariteit, Chili, De Derde Wereld, De Palestijnen waren volslagen onbekend, en niemand lag daar nachten van wakker', zo begint het boek met het hoofdstuk 'De werkende jongere'. Deze tekst is een inleiding op verschijnsel werkende jongere, die de auteur kort hierna introduceert. Stelselmatig spreekt hij over De Werkende Jongere. Deze werkende jongere is de wortel van het kwaad: 'Tot overmaat van ramp vonden ze de Sex uit' en 'tenslotte waren ze hartstochtelijk vóór Abortus, vóór vietnam, Palestina en Chili en andere narigheden'. De hele caleidoscopische jaren zeventig trekken zo aan ons voorbij. Al snel verschijnt de werkende jongere op de universiteit om aldaar de boel met opruiende gedachten onveilig te maken. De werkende jongeren die niet op de universiteit belanden, zorgen er voor om zo snel mogelijk in de WW te komen, aldus Delecluze.

Vervolg van de inhoud van dit curieuze boekje