Voortschrijdende Inzichten

Verrassende onderwerpen | Nieuwe invalshoeken

 

Atacama woestijn

Humberstone op de Werelderfgoedlijst van de Verenigde Naties

Over de salpeterproductie in Humberstone

Over de geschiedenis van Chacabuco. Het bevond zich in 1973/74 ook een concentratiekamp van het bewind van Pinochet.

Over de Chuquicamatamijn

Stikstof uit de woestijn

Guano was echter niet de enige bron van stikstof. En gelukkig maar, want anders zou het er slecht hebben uitgezien. In de tweede helft van de achttiende eeuw won salpeter aan betekenis. Salpeter komt van de salpetervelden in het noorden van Chili. Hier bevonden zich uitgestrekte voorraden van de zogenaamde chilisalpeter, in chemische termen natriumnitraat (NaNO3). De economische betekenis van deze voorraden was zo groot dat Chili in de negentiende eeuw een oorlog begon om dit gebied dat tot het grondgebied van het buurland Bolivia behoorde, in bezit te krijgen. De oorlog – van 1879-1883 – leverde Chili niet alleen de salpetervelden op, maar ook een havenstad, Antofagasta.

De oorsprong van deze stikstof is een andere dan die van de guanostikstof. Het gebied waar het om gaat, is de Atacama woestijn. De Atacama woestijn is een dor en droog gebied. De jaarlijkse hoeveelheid neerslag bedraagt in de havenstad Antofagasta 13 mm per jaar. In de meer landinwaarts gelegen woestijn valt nog minder dan deze 13 mm per jaar. Het is niet ongebruikelijk dat het zelfs jaren achtereen in het geheel niet regent. Vergelijk dit maar eens met de 900 mm die jaarlijks in Nederland valt. De oorsprong van de chilisalpeter ligt in het Andesgebergte. Water dat van dit gebergte is afgestroomd, komt onder andere in de woestijn terecht en verdampt. De in het water opgeloste stoffen blijven achter. In miljoenen jaar was zo een decimeters dikke laag van zouten ontstaan. Dit heeft alleen kunnen gebeuren door de extreme klimatologische omstandigheden, want salpeter is uitermate goed oplosbaar is water. Een beetje water erbij en het is weg. In het zout zit onder andere natriumnitraat. Wat deze grondstof extra aantrekkelijk maakt, is het feit dat, in tegenstelling tot de guano, chilisalpeter ook geschikt is om springstoffen van te maken.

In de hoogtijdagen van de chilisalpeter stonden er in het Atacamagebied maar liefst 160 fabrieken. Deze werkten de chilisalpeter op: van een 6% in de grondstof tot meer dan 95% in het eindproduct. Honderdduizenden arbeiders vonden er werk. Die tijden zijn al lang voorbij. De uitvinding van het proces om synthetisch en dus industrieel ammoniak te maken, betekende het einde van de chilisalpeter. De restanten van de chilisalpeterbedrijvigheid kunnen gevonden worden in spooksteden als Humberstone en Chacabuco. Daaruit mag niet worden afgeleid dat het gebied nu weer geheel verlaten zou zijn. Integendeel. De chilisalpeter mag dan zijn betekenis verloren hebben, hier bevinden zich ook aanzienlijke voorraden van stoffen die ook tegenwoordig nog steeds grote economische betekenis hebben, zoals koper. Zo was in Chuquicamata een grote dagbouwmijn; het werk is hier echter per september 2018 gestaakt.

De — industriële stikstof betekende dus het einde voor de chilisalpeter.

De Atacamawoestijn in Chili. Foto Luca Galuzzi.

Zoutformaties in de Atacamawoestijn. Foto Otto-von-Guericke University Magdeburg.